Het bankgeldstelsel is gebaseerd op ‘schuld’, daar het hoofdzakelijk bestaat uit geldtegoeden. Dat zijn vorderingen op banken die aan risico blootstaan. De banken financieren zich met ons spaargeld, om vervolgens meer geldtegoeden te scheppen, en inflatie. Dit compenseren ze met rente. Die rente moeten ze ergens vandaan halen. Zo komt het dat ‘banksparen’ nooit neutraal is, maar zorgt dat ergens op aarde waarde wordt onttrokken. In het bankgeldstelsel moet met geld, geld worden gemaakt. Dit ondermijnt de leefbaarheid van samenleving en planeet.

Schuldvrij geld

Overschakeling naar een schuldvrij geldstelsel is dan ook noodzakelijk om de sociale en ecologische ontwrichting te stoppen. Een schuldvrij geldstelsel is ‘rentevrij’. Het bestaat niet uit rentedragende geldvorderingen, maar uit geldsobjecten die je kunt bezitten, zonder gedwongen te zijn ze uit te lenen (aan je bank). Deze objecten hoeven dus niet noodzakelijk te renderen, noch ergens waarde te onttrekken. Je kunt ze bewaren in een oude sok. Om het hedendaagse geldstelsel op dergelijke objecten te kunnen baseren, moet er een digitale variant van in omloop komen: digitaal contant geld, dat je rustig kunt bewaren in je digitale kluis en makkelijk kunt gebruiken voor betaling aan iedereen.

De overheid moet deze digitale geldsobjecten scheppen en daarbij zorgen voor een nul-inflatiebeleid. Dat kan omdat digitaal schuldvrij geld net zo makkelijk kan worden toegevoegd aan de geldsomloop als dat het eraan kan worden onttrokken. Anders dan bankgeld kan het worden weggegeven (uitgekeerd) zonder dat daarbij enige schuld ontstaat. Ook kan het worden teruggenomen (wegbelast) waar het te veel ophoopt. Een nul-inflatiebeleid haalt alle redenen weg om over geld rente uit te keren. Zo wordt een schuldvrij geldstelsel ook een rentevrij geldstelsel.

Meer geld, minder schuld

Als geldtegoeden worden omgezet in digitaal contant geld wordt spaargeld inactief. Het is dan niet meer (in een bank) geïnvesteerd, maar rust in een digitale kluis. Om economische krimp te voorkomen, moet de overheid dan extra geld in omloop brengen. Met dat extra geld kunnen bestaande schulden worden afgelost. Het geeft huishoudens bovendien gelegenheid om vermogen op te bouwen. Dat beschermt ze tegen financiële schokken en helpt ze in hun levensbehoeften te voorzien. Huishoudens krijgen zo minder schulden en hoeven ook minder schulden te maken. Ze krijgen vermogen om aan anderen te lenen, waardoor ook die anderen minder op bankkrediet worden aangewezen.

Menselijke kredietverlening

Banken genieten wettelijke privileges omdat ze ons geldstelsel verzorgen. Die privileges verstoren de markt voor kredietverlening. Als de overheid ons digitale geld gaat verzorgen, kunnen (en moeten) die privileges worden afgeschaft. Voor eenieder geldt dan het verbod om bedrijfsmatig te lenen onder toezegging dat het geleende op ieder moment kan worden teruggevraagd. Valse concurrentie van banken valt dan weg en geld lenen bij vrienden en bekenden wordt dan vanzelfsprekender.

Dit neemt niet weg dat bevriende schuldeisers ook vervelend kunnen zijn. Maar dat is toch anders dan de professionele schuldeiser-business die we van de banken kennen. Vrienden en bekenden zullen eerder begrip voor je situatie hebben, en flexibel zijn als het tegenzit, of zelfs bereid zijn om te schenken, kwijt te schelden of verlies te nemen. Bij banken ligt dat minder voor de hand. De intermenselijke kredietverlening hoeft zich niet te beperken tot de familie- en vriendensfeer. Deze kan ook lopen via marktplaatsen waar vraag en aanbod bijeenkomen. Daar zouden banken dan nuttig zijn, door toe te zien dat financieringsvoorstellen realistisch zijn, en dat lener en uitlener zich aan de spelregels houden.

Sparen zonder uitbuiting

Ook in een schuldvrij geldstelsel kan geld worden uitgeleend, en kan daarvoor rente worden berekend. Dat is dan echter geen inherente eigenschap meer van het geld, maar een bewuste besteding ervan. De geldomloop hoeft dan geen waarde meer te onttrekken. Geld kan worden gespaard zonder anderen uit te buiten, of bewust worden geïnvesteerd. Ons geldstelsel laat mens en planeet dan niet meer bloeden maar bloeien.

Edgar Wortmann 2 mei 2018 – Bijdrage aan het boek van Ad Broere: Geld in de bijrol. Download als pdf

Edgar Wortmann is jurist met specialisatie in financieel en vermogensrecht. Hij is actief als bedrijfsjurist voor overheid en bedrijfsleven, en onder andere betrokken bij de inrichting van duurzame energiecoöperaties in Nederland. Ook deed hij diverse projecten gericht op de circulaire economie, zoals de ‘zonneterp’, een zelfvoorzienende combinatie van tuinbouwkas en woonwijk, en ‘nieuwe nuts’, gebiedsgerichte inrichting van nutsvoorzieningen met betrokkenheid van de belanghebbenden. Als adviseur is hij verbonden aan de Stichting Ons Geld, die zich inzet voor hervorming van het geldstelsel.